ECLI:NL:RBNNE:2026:2147
Rechtbank Noord-Nederland · 15 mei 2026 · enkelvoudige kamer · Voorlopige voorziening
Rb. Noord-Nederland 15 mei 2026, ECLI:NL:RBNNE:2026:2147Samenvatting
RedactioneelGoedgekeurdVerzoeker vroeg een voorlopige voorziening tegen het versterkingsbesluit van de NCG van 13 mei 2025 en toewijzing van 'maatregel 28' (verduurzaming bij versterking). De voorzieningenrechter oordeelt zonder zitting dat het bezwaar ruim zes maanden te laat is ingediend en waarschijnlijk niet-ontvankelijk wordt verklaard; van besluitvorming door het IMG is niet gebleken. Verzoek afgewezen.
Citaat (regel 65)
“De voorzieningenrechter wijst het verzoek om een voorlopige voorziening af.”
Feiten uit de uitspraak
Onderwerp
Procedureel
GoedgekeurdCitaat (regel 60, r.o. 5.11)
“Het bezwaar tegen het besluit van 13 mei 2025 heeft daarom naar voorlopig oordeel geen redelijke kans van slagen.”
Kwesties
Procedureel (Awb)
GoedgekeurdCitaat (regel 60, r.o. 5.11)
“Onder deze omstandigheden is het aannemelijk dat verweerder het bezwaar van 19 januari 2026 niet-ontvankelijk zal verklaren omdat de situatie bedoeld in artikel 6:11 van de Awb niet aannemelijk is geworden.”
Wie stelde (hoger) beroep in
Aanvrager
Goedgekeurd
Uitspraak (dictum)
Overig
GoedgekeurdCitaat (regel 65)
“De voorzieningenrechter wijst het verzoek om een voorlopige voorziening af.”
Gunstig voor
IMG of NAM
GoedgekeurdCitaat (regel 65)
“De voorzieningenrechter wijst het verzoek om een voorlopige voorziening af.”
Toewijzing
Niet van toepassing
Goedgekeurd
Gemachtigde
mr. A.A. Westers · advocaat · namens aanvrager
GoedgekeurdG.H. Poort-van Drempt · onbekend · namens IMG
Goedgekeurd
Datum primair besluit
13 mei 2025
GoedgekeurdCitaat (regel 22)
“5. Op 13 mei 2025 heeft verweerder een besluit genomen ( [nummer 1] ).”
Niet genoemd in de uitspraak: deskundigen, bedragen, aantal schades, trillingssterkte, plaats, datum besluit op bezwaar.
Elk feit staat letterlijk in de uitspraak; klap het citaat open voor de vindplaats.
Kernoverwegingen
r.o. 5.11
GoedgekeurdHet bezwaar van 19 januari 2026 tegen het besluit van 13 mei 2025 is buiten de termijn ingediend en verzoeker heeft geen verschoonbaarheid gesteld.
“Verzoeker heeft in de bezwaarfase niet gesteld dat en waarom redelijkerwijs niet kan worden geoordeeld dat hij niet in verzuim is geweest.”
Regel 61
GoedgekeurdTegen het IMG is het verzoek zinledig: er is geen relevante besluitvorming van het IMG gebleken.
“5.12. Weliswaar heeft verzoeker het verzoek ook gericht tegen het Instituut Mijnbouwschade (IMG), maar uit de gedingstukken is niet gebleken van relevante besluitvorming door het IMG.”
Inhoudsindicatie van de Rechtspraak
In deze uitspraak beslist de voorzieningenrechter op het verzoek om een voorlopige voorziening van verzoeker. Het oordeel van de voorzieningenrechter heeft een voorlopig karakter en bindt de rechtbank in een (eventueel) bodemgeding niet. Het bezwaar tegen het besluit van de NCG van 13 mei 2025 heeft daarom naar voorlopig oordeel geen redelijke kans van slagen. Weliswaar heeft verzoeker het verzoe…
Volledige tekst
Tekst van rechtspraak.nl (CC0). Elke regel heeft een eigen adres, bijvoorbeeld #r12.