Uitspraken zoeken
Filters
Rechtsvraag
Beroep ingesteld door
Trillingssterkte
Plaats
Soort gemachtigde
Rechterfilter actief
- GoedgekeurdSchade aan een pandHoger beroep: uitspraak bevestigd
ABRvS: de hardheidsclausule is niet bedoeld om een geschil over onder de NAM (en de Arbiter Bodembeweging) afgehandelde schades met nieuwe argumenten te heropenen; het Instituut is voor die schades niet bevoegd.
Raad van State (ABRvS) · 23 september 2026 · meervoudige kamer · Hoger beroep
ECLI:NL:RVS:2026:5631Bij besluit van 17 mei 2021 heeft het Instituut Mijnbouwschade Groningen aan [appellant] een schadevergoeding van € 5.343,86 (inclusief btw, wettelijke rente en bijkomende kosten) toegekend voor mijnbouwschade aan zijn woning. [appellant] heeft op 29 september 2020 een aanvraag om vergoeding van aardbevingsschade ingediend bij het Instituut. Het Instituut heeft geen schadevergoeding toegekend voo…
- GoedgekeurdSchade aan een pandGegrond, zelf voorzien
Rb. Noord-Nederland (meervoudig): het Instituut beperkte het onderzoek ten onrechte tot fysieke aantasting van de fundering en onderzocht niet of de fundering op staal haar functionaliteit verloor; niet inzichtelijk dat verzakkingsschade niet door een onvoldoende draagkrachtige fundering is ontstaan. Beroep gegrond.
Rechtbank Noord-Nederland · 12 februari 2026 · meervoudige kamer · Eerste aanleg - meervoudig
ECLI:NL:RBNNE:2026:593Mijnbouwschade. Naar het oordeel van de rechtbank heeft het Instituut niet inzichtelijk gemaakt dat de verzakkingsschade niet het gevolg is geweest van een onvoldoende draagkrachtige fundering. Het Instituut had in het kader van de vaststelling van de omvang van de schade tevens moeten toetsen of plaats is voor een ruime toerekening naar billijkheid voor zover het betreft de aanpassing van de fun…
- GoedgekeurdOverig (raakt mijnbouwschade)Gedeeltelijk gegrond
ECLI:NL:GHARL:2025:2380
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden · 15 april 2025 · meervoudige kamer · Hoger beroep
ECLI:NL:GHARL:2025:2380Aardbevingsschade. Overdracht rechten uit schademeldingen bij verkoop woning in het aardbevingsgebied. Verkoper meldt ten onrechte niet dat hij al een vergoeding voor sommige scheuren had ontvangen zonder de schade te herstellen. Koper krijgt voor die scheuren geen vergoeding. Verkoper heeft onrechtmatig gehandeld en moet schade als gevolg van zijn zwijgen vergoeden.
- GoedgekeurdSchade aan een pandHoger beroep: uitspraak bevestigd
ECLI:NL:RVS:2025:427
Raad van State (ABRvS) · 5 februari 2025 · meervoudige kamer · Hoger beroep
ECLI:NL:RVS:2025:427Bij besluit van 1 februari 2021 heeft het Instituut Mijnbouwschade Groningen aan [appellant] een schadevergoeding toegekend van € 32.323,78, inclusief wettelijke rente en bijkomende kosten. [appellant] was eigenaar van de woning aan de [locatie] te Groningen. In 2014 heeft [appellant] schade als gevolg van mijnbouwactiviteiten in het Groningenveld gemeld bij de Nederlandse Aardolie Maatschappij B…
- GoedgekeurdSchade aan een pandGegrond, zelf voorzien
ECLI:NL:RBNNE:2024:1218
Rechtbank Noord-Nederland · 4 april 2024 · meervoudige kamer · Eerste aanleg - meervoudig
ECLI:NL:RBNNE:2024:1218Fysieke mijnbouwschade. Het IMG heeft in deze zaak niet moeten kiezen voor een integrale aanpak samen met de NCG. De schadevergoeding dient hoger te zijn dan waartoe het IMG had besloten in het bestreden besluit. Om die reden is het beroep gegrond.
- GoedgekeurdSchade aan een pandHoger beroep: uitspraak bevestigd
ABRvS: geen verschoonbare termijnoverschrijding als de aanvrager tijdens de bezwaartermijn geen toegang had tot het online dossier; bezwaar kon zo nodig pro forma worden ingediend.
Raad van State (ABRvS) · 28 juni 2023 · meervoudige kamer · Hoger beroep
ECLI:NL:RVS:2023:2494Bij besluit van 24 februari 2020 heeft het Instituut Mijnbouwschade Groningen aan [appellant] in totaal een bedrag van € 12.716,25 aan schadevergoeding toegekend. Bij besluit van 24 augustus 2020 heeft het Instituut aan [appellant] in totaal een bedrag van € 2.161,23 aan schadevergoeding toegekend. [appellant] is eigenaar van de woning aan de [locatie]. Zijn woning staat aan de rand van het Groni…
- GoedgekeurdSchade aan een pandGegrond, zelf voorzien
ABRvS: het Instituut heeft het aanvullende beoordelingskader onjuist toegepast door alleen verergering na 2013 te beoordelen, terwijl de grenswaarde voor metselwerk al bij een eerdere beving (2006) was overschreden; bewijsvermoeden voor die schades niet weerlegd, geen nieuwe herstelkans.
Raad van State (ABRvS) · 7 juni 2023 · meervoudige kamer · Hoger beroep
ECLI:NL:RVS:2023:2203Bij besluit van 12 juni 2020 heeft de minister van Economische Zaken aan [appellant] een schadevergoeding toegekend van € 24.366,25. [appellant] is sinds 2007 eigenaar van een woonhuis en agrarische bedrijfsgebouwen op het perceel [locatie] te Noordwolde. De boerderij is gebouwd in 1885. In 2013 heeft [appellant] schade als gevolg van mijnbouwactiviteiten in het Groningenveld gemeld bij de Nederl…
- GoedgekeurdSchade aan een pandHoger beroep: uitspraak vernietigd
ABRvS: als een deskundige eerder (in opdracht van de NAM) schade als aardbevingsgerelateerd heeft aangemerkt en die schade na herstel op dezelfde plek terugkeert, moet het Instituut aantonen waarom die eerdere conclusie niet afdoet aan weerlegging van het bewijsvermoeden; hoger beroep voor die schades gegrond.
Raad van State (ABRvS) · 24 november 2021 · meervoudige kamer · Hoger beroep
ECLI:NL:RVS:2021:2631Bij besluit van 2 december 2019 heeft de Tijdelijke Commissie Mijnbouwschade Groningen aan [appellant] een schadevergoeding toegekend van € 7.756,45. [appellant] is eigenaar van de woning aan de [locatie]. De woning is gebouwd in 2003 en bevindt zich boven het Groningenveld, in het gebied waar zich als gevolg van gaswinning bodemdaling en aardbevingen voordoen. Op 16 januari 2018 heeft [appellant…
- GoedgekeurdCiviel (NAM)Hoger beroep: uitspraak vernietigd
ECLI:NL:GHARL:2021:9131
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden · 28 september 2021 · meervoudige kamer · Hoger beroep kort geding
ECLI:NL:GHARL:2021:9131Kort geding. Voorschot op schadevergoeding wegens gaswinning door NAM. Appellanten stellen een forse vordering op NAM te hebben, bestaande uit onder andere materiële schade aan hun bedrijfspand. Het hof acht het bestaan van het grootste deel van de vordering niet aannemelijk. Een beperkt deel van het gevorderde voorschot wordt toegewezen.