Naar de inhoud
Uitsprakenmonitor mijnbouwschade
GoedgekeurdGerechtshof Arnhem-Leeuwardenmeervoudige kamerCiviel (NAM)Tussenuitspraak

ECLI:NL:GHARL:2024:6998

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden · 15 oktober 2024 · meervoudige kamer · Hoger beroep, Tussenuitspraak

Hof Arnhem-Leeuwarden 15 oktober 2024, ECLI:NL:GHARL:2024:6998

Samenvatting

RedactioneelGoedgekeurd

In een hoger beroep van een woningeigenaar tegen NAM over aardbevingsschade krijgt NAM in dit tussenarrest gelegenheid bij akte te reageren op kort voor de mondelinge behandeling ingediende deskundigenproducties (geoloog, schadekansberekening) over de relevantie van de SBR-richtlijn; op het memo van Vergnes en foto's mag zij niet meer reageren.

Citaat (regel 31, r.o. 3)
“verwijst de zaak naar de rol van 12 november 2024 voor akte uitlating producties 8 tot en met 13c door NAM;”
Samenvatting en labels zijn redactioneel; de uitspraak zelf is leidend.

Feiten uit de uitspraak

  • Onderwerp

  • Kwesties

    • Civiel

      Goedgekeurd
      Citaat (regel 26, r.o. 2.4)
      “NAM heeft dan ook niet voldoende gelegenheid gehad om zich daartegen te verweren.”
  • Wie stelde (hoger) beroep in

  • Uitspraak (dictum)

  • Gunstig voor

  • Gemachtigde

    • mr. J. Knotter · advocaat · namens aanvrager

      Goedgekeurd
      Citaat (regel 12)
      “advocaat: mr. J. Knotter in Emmen,”
    • mr. P.A.Th. Kostwinder · advocaat · namens NAM

      Goedgekeurd
      Citaat (regel 18)
      “advocaat: mr. P.A.Th. Kostwinder in Groningen.”
  • Deskundige

    • Vergnes · contra-expert · geen oordeel van de rechter

      Goedgekeurd
      Citaat (regel 22, r.o. 2.1)
      “heeft [appellante] een memo van Vergnes in het geding gebracht (productie 6)”
    • overig ([naam1]) · contra-expert · geen oordeel van de rechter

      Goedgekeurd
      Citaat (regel 22, r.o. 2.1)
      “waaronder een rapport van de geoloog [naam1] (producties 12a tot en met 12d)”
    • overig ([naam2]) · contra-expert · geen oordeel van de rechter

      Goedgekeurd
      Citaat (regel 22, r.o. 2.1)
      “de berekening van de schadekans door [naam2] (producties 13a tot en met 13c)”
    • RoyalHaskoningDHV · partijdeskundige · geen oordeel van de rechter

      Goedgekeurd
      Citaat (regel 24, r.o. 2.2)
      “Zij had dit memo kunnen voorleggen aan haar deskundige RoyalHaskoningDHV (hierna: RHDHV).”

Niet genoemd in de uitspraak: bedragen, aantal schades, trillingssterkte, plaats, datum besluit op bezwaar.

Elk feit staat letterlijk in de uitspraak; klap het citaat open voor de vindplaats.

Kernoverwegingen

  1. r.o. 2.2

    Goedgekeurd

    NAM heeft ruim gelegenheid gehad op het memo van Vergnes te reageren en krijgt daarvoor geen nieuwe gelegenheid.

    “Het hof zal NAM dan ook geen gelegenheid bieden om alsnog te reageren op dat memo.”
  2. r.o. 2.5

    Goedgekeurd

    Producties 8-13c onderbouwen de grief dat de SBR Trillingsrichtlijn A relevantie mist; NAM krijgt gelegenheid daarop te reageren.

    “Omdat het hof niet op voorhand kan uitsluiten dat het de producties 8 tot en met 13c in het voordeel van [appellante] bij de beoordeling van het geschil tussen partijen zal betrekken, heeft NAM er belang bij op deze producties te reageren.”

Inhoudsindicatie van de Rechtspraak

Tussenarrest. Aardbevingsschade. Het hof stelt NAM in de gelegenheid om bij akte te reageren op producties die door appellante in het geding zijn gebracht ter voorbereiding op de mondelinge behandeling.

Volledige tekst

Tekst van rechtspraak.nl (CC0). Elke regel heeft een eigen adres, bijvoorbeeld #r12.

1GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
2locatie Leeuwarden, afdeling civiel
3zaaknummer gerechtshof 200.313.887/01
4zaaknummer rechtbank Noord-Nederland 116697
5arrest van 15 oktober 2024
6in de zaak van
7[appellante] ,
8die woont in [woonplaats1] ,
9die hoger beroep heeft ingesteld,
10en bij de rechtbank optrad als eiseres,
11hierna: [appellante],
12advocaat: mr. J. Knotter in Emmen,
13tegen
14Nederlandse Aardolie Maatschappij B.V.,
15die is gevestigd in Assen,
16en bij de rechtbank optrad als gedaagde,
17hierna: NAM,
18advocaat: mr. P.A.Th. Kostwinder in Groningen.
191 Het verloop van de procedure in hoger beroep
201.1 Naar aanleiding van het arrest van 4 april 2023 heeft op 26 september 2024 een mondelinge behandeling bij het hof plaatsgevonden. De eerder voor 2 november 2023 geplande mondelinge behandeling kon vanwege ziekte niet doorgaan. Van de mondelinge behandeling is een verslag gemaakt dat aan het dossier is toegevoegd (het proces-verbaal). Hierna hebben partijen het hof gevraagd opnieuw arrest te wijzen.
212. Nieuwe producties
222.1 Ter voorbereiding op de (geplande) mondelinge behandeling van 2 november 2023 heeft [appellante] een memo van Vergnes in het geding gebracht (productie 6). Ter voorbereiding op de mondelinge behandeling van 26 september 2024 heeft zij op 13 september 2024 nog een aantal andere producties (7 tot en met 13c) in het geding gebracht, waaronder een rapport van de geoloog [naam1] (producties 12a tot en met 12d) en de berekening van de schadekans door [naam2] (producties 13a tot en met 13c).
23NAM heeft tijdens de mondelinge behandeling laten weten dat zij zich bij akte over de in het geding gebrachte producties wil uitlaten indien het hof deze producties in zijn oordeel wil betrekken.
242.2 Het is het hof niet duidelijk geworden of het verzoek van NAM ook ziet op het memo van Vergnes. Indien dat het geval is, geldt het volgende. NAM heeft ruimschoots de gelegenheid gehad om adequaat te kunnen reageren op het memo.. Zij had dit memo kunnen voorleggen aan haar deskundige RoyalHaskoningDHV (hierna: RHDHV). Het hof zal NAM dan ook geen gelegenheid bieden om alsnog te reageren op dat memo.
252.3 Productie 7 betreft een aantal foto’s van de woning. NAM heeft op deze foto’s kunnen reageren tijdens de mondelinge behandeling. Het hof ziet geen reden haar de gelegenheid te bieden dat nogmaals in een akte te doen. Productie 7 betreft een aantal foto’s van de woning.
262.4 Voor de producties 8 tot en met 13c ligt dat anders. Om adequaat op deze producties te kunnen reageren is specifieke deskundigheid vereist. Bovendien was niet op voorhand duidelijk wat [appellante] met deze producties wilde aantonen. Dat werd pas (geheel) duidelijk tijdens de mondelinge behandeling. NAM heeft dan ook niet voldoende gelegenheid gehad om zich daartegen te verweren.
272.5 In grief 5 heeft [appellante] de stelling betrokken dat de SBR Trillingsrichtlijn A - in elk geval voor het antwoord op de vraag of de schade aan haar woning door aardbevingen is veroorzaakt - relevantie mist. Met de producties 8 tot en met 13c wordt deze stelling onderbouwd. De producties dienen dan ook niet ter onderbouwing van een nieuwe grief, zodat het hof ze niet om die reden buiten beschouwing kan laten. Omdat het hof niet op voorhand kan uitsluiten dat het de producties 8 tot en met 13c in het voordeel van [appellante] bij de beoordeling van het geschil tussen partijen zal betrekken, heeft NAM er belang bij op deze producties te reageren.
282.6 Het hof zal NAM dan ook gelegenheid geven om in een akte op (alleen) deze producties (en dus niet ook op de andere nieuwe producties) te reageren. Het hof gaat ervan uit dat NAM bij haar akte een rapport of een notitie van haar deskundige in het geding zal brengen. [appellante] krijgt geen gelegenheid op dat rapport te reageren. Indien NAM een rapport van een deskundige in het geding brengt, hebben beide partijen hun stellingen over dit onderwerp kunnen onderbouwen met een rapport van een deskundige.
293 3. De beslissing
30Het hof:
31verwijst de zaak naar de rol van 12 november 2024 voor akte uitlating producties 8 tot en met 13c door NAM;
32houdt iedere verdere beslissing aan.
33Dit arrest is gewezen door mrs. H. de Hek, A.A.J. Smelt en G.J.M. Verburg en is door de rolraadsheer in aanwezigheid van de griffier in het openbaar uitgesproken op
3415 oktober 2024.