Uitspraken zoeken
Filters
Kamer
Procedure
Onderwerp
Rechtsvraag
Beroep ingesteld door
Uitspraak (dictum)
Toewijzing
Gunstig voor
Trillingssterkte
Bedrag
Ligging
Plaats
Deskundigenbureau
Soort gemachtigde
- GoedgekeurdTussenuitspraakCiviel (NAM)Tussenuitspraak
ECLI:NL:GHARL:2025:7819
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden · 9 december 2025 · meervoudige kamer · Hoger beroep
ECLI:NL:GHARL:2025:7819Aardbevingsschade. Het hof oordeelt dat een deskundigenonderzoek zal moeten plaatsvinden.
- GoedgekeurdSchade aan een pandHoger beroep: uitspraak vernietigd
ABRvS: de trillingssnelheid bij 1% overschrijdingskans moet worden vergeleken met een grenswaarde bij hetzelfde kansniveau (1%); vergelijking met een 25%-grenswaarde is onjuist. Het hoger beroep van het Instituut slaagt; de plaats van de SBR Trillingsrichtlijn in het geactualiseerde kader is aanvaardbaar.
Raad van State (ABRvS) · 10 september 2025 · meervoudige kamer · Hoger beroep
ECLI:NL:RVS:2025:4320Bij besluit van 20 april 2020 heeft de Tijdelijke Commissie Mijnbouwschade Groningen aan [wederpartij] voor een aantal schades een schadevergoeding van € 37.607,15, te vermeerderen met bijkomende kosten en wettelijke rente, toegekend. In hoger beroep is in geschil of de rechtbank terecht heeft geoordeeld dat het Instituut voor de schades 3, 4, 5, 7, 22 en 40 het bewijsvermoeden niet heeft weerleg…
- GoedgekeurdTussenuitspraakCiviel (NAM)Tussenuitspraak
Hof Arnhem-Leeuwarden (civiel, NAM; tussenarrest): de NAM heeft het bewijsvermoeden slechts voor een deel van de schades weerlegd; weerlegging moet ook verergering door bevingen omvatten; voldoende aannemelijk, geen onomstotelijk bewijs vereist.
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden · 24 juni 2025 · meervoudige kamer · Hoger beroep
ECLI:NL:GHARL:2025:3971Aardbevingsschade. Het hof oordeelt dat NAM het (in dit geval toepasselijke) bewijsvermoeden slechts voor een deel van de schades heeft weerlegd. Partijen krijgen de gelegenheid zich uit te laten over de benoeming van een deskundige om de hoogte van de schades te bepalen, ten aanzien waarvan het bewijsvermoeden niet is weerlegd.